

“We moeten er met elkaar voor zorgen om weer verbinding met onze kinderen te krijgen.”
Het RIVM en het Trimbos-instituut stellen in de Monitor Mentale Gezondheid 2025 vast dat het opnieuw slechter gaat met jongeren. Hoewel zo’n 85 procent van de Nederlandse bevolking tevreden is met zijn of haar leven, blijft de mentale toestand van jongeren tot 25 jaar – met name meisjes – er op achteruit gaan. “Ik vind dat zorgwekkend”, zegt Karina, jongerenwerker bij Youth for Christ. “Dit rapport is opnieuw een duidelijk signaal dat jongerenwerk broodnodig is. Aan de andere kant weet ik ook dat er hoop is. Jongeren zijn heel veerkrachtig, en ik geloof dat Jezus hun problemen kan doorbreken.
Jongeren hebben veel last van depressie en psychosomatische klachten zoals buikpijn, slaapproblemen en neerslachtigheid. Bovendien is zelfdoding doodsoorzaak nummer 1 onder jongvolwassenen. Het RIVM maakt zich zorgen en roept een volgend kabinet op om breed te investeren in mentale gezondheid, door in te zetten op preventie, problemen vroeg te signaleren en expliciet aandacht te besteden aan mentale gezondheid.
Zorgwekkend
Gelukkig gaat het met veel jongeren wél goed. Maar wanneer ik er specifiek naar vraag, vertellen sommige jongeren dat hun problemen een vast onderdeel van hun leven zijn. Het is eigenlijk heel gewoon voor ze geworden om niet lekker in hun vel te zitten. Misschien hadden jongeren vroeger ook veel problemen, maar was er minder ruimte om daarover te praten. Of misschien accepteerden jongeren vroeger dat ze soms gewoon niet lekker in hun vel zaten. Maar de wereld is ingewikkelder geworden en de cijfers zijn duidelijk: dit rapport is zorgwekkend. Het is opnieuw een duidelijk signaal dat jongerenwerk broodnodig is.
Preventie
Wij trekken langdurig met jongeren op en bouwen een relatie met hen op. We kennen ze dus goed. Dan durf je vragen te stellen, die je niet meteen in het eerste gesprek stelt. Jongeren ervaren bij ons vertrouwen en veiligheid om de dingen die hen bezighouden met ons te delen. Als ik weet dat een jongere suïcidale gedachten heeft, houd ik een vinger aan de pols en vraag ik wat vaker hoe het met hem of haar gaat. Ook schakelen we professionele hulpverlening in. Als jongerenwerker kun je heel veel voor een jongere betekenen op het gebied van preventie, en ben je een goede aanvulling op zorgprofessionals. Want naast preventie is professionele hulpverlening heel hard nodig.
Volwassen rolmodel
Daarnaast hebben jongeren volwassen in hun leven nodig, die een voorbeeld geven van hoe mensen met elkaar omgaan. Natuurlijk heeft de overheid de verantwoordelijkheid om in professionele zorg te voorzien, maar de oplossing is veel breder. We moeten er met elkaar voor zorgen om weer verbinding met onze kinderen te krijgen. Niet elke ouder heeft de capaciteiten om goed voor zijn kind te zorgen, en bovendien is het heel gezond dat pubers zich afzetten tegen hun ouders. Daarom moeten we het samen doen in de maatschappij. We kunnen wel naar de overheid wijzen, maar ik ben toch zelf degene die weet wie er bij mij aan de overkant in de straat woont? Heb ik wel oog voor hem of haar?
Hoop
Ieder kind heeft een buurvrouw nodig, een opa of oma, oom of tante of goede vriend, die zich om hem bekommert. Even samen een kopje thee drinken of een potje voetbal doen. Even de ruimte geven om te mogen huilen. Maar ook praten over problemen en normaliseren hoe een jongere zich voelt: het is oké om soms niet lekker in je vel te zitten. En dan ook een voorbeeld zijn in hoe je met die zorgen omgaat. Dat zijn de dingen die er écht toe doen: er zijn voor een kind, even je telefoon aan de kant leggen en naar hem of haar luisteren. De lat minder hoog leggen en teruggaan naar de eenvoud van het leven. Ik denk dat je als christen op deze manier heel veel kunt betekenen voor een jongere. Want ook al is de situatie zorgwekkend, jongeren zijn heel veerkrachtig. En ik geloof ook dat Jezus hun problemen kan doorbreken. Dat mogen wij aan jongeren vertellen. Daarom denk ik dat er hoop is!
Echte interesse
Dat het missionaire werk van levensbelang kan zijn, blijkt uit de praktijkervaringen. Een meisje dat meerdere pogingen deed om een einde haar leven te maken, heeft de jongerenwerkers toevertrouwd dat ze er zonder hen nu niet meer zou zijn. Dit meisje heeft bij ons ervaren dat er ruimte voor haar is. Ze vindt het heel fijn om in ons jongerencentrum te zijn, ze voelt de gezelligheid en merkt dat er écht naar haar wordt geluisterd. Een ander meisje eet soms met ons mee, dat is fijn voor haar, want dan krijgt ze een lekkere warme maaltijd als avondeten en hoeft ze niet thuis een boterhammetje voor zichzelf te smeren. Uiteindelijk gaat het erom dat je oog hebt voor elkaar, niet omdat het sociaal wenselijk is, maar uit échte interesse. Daaruit ontstaat verbinding en krijgen jongeren bevestiging in wie ze zijn: waardevol en kostbaar.”
De samenvatting van het rapport verwoordt het helder. Om mentale gezondheid te verbeteren, is het belangrijk om (in alle leeftijdsgroepen) aandacht te geven aan factoren die mentale gezondheid beïnvloeden. Door zo vroeg mogelijk in te grijpen, kunnen zwaardere problemen en zorg later zo veel mogelijk worden voorkomen. Het is hierbij nodig om de mentale gezondheid te versterken, problemen vroeg te herkennen en goede hulp en zorg te bieden. Mentale gezondheid is een taak van de hele samenleving.



Contact
Gedempte Oude Gracht 138
2011 GX Haarlem
Nieuwsbrief
Meld je aan voor de nieuwsbrief.
Bankrekening: NL48 INGB 0655 0985 50
Kamer van Koophandel: 34300579
Geloven in de Stad is een ANBI-instelling.
Klik hier voor de ANBI-pagina.