Sinds zondag 4 februari 2019 is Haarlem weer een kerk rijker: de Eritrees-orthodoxe Tewahedo kerk. Deze kerk behoort tot de oriëntaals-orthodoxe christelijke kerken en is nauw verwand met de koptisch-orthodoxe kerk. Tot 1993 maakte de kerk deel uit van de Ethiopisch-orthodoxe kerk, maar de burgeroorlog en de hierop volgende zelfstandigheid van Eritrea als land maakte hieraan een eind.

Veel Eritrese christenen zijn de laatste jaren als vluchteling en later als statushouder in Haarlem terecht gekomen. In het begin kwam men samen in de Groenmarktkerk, maar sinds mei 2018 kerken ze in de kerkzaal van de voormalige Joannes de Doperkerk in de Amsterdamstraat.
Op 4 februari is de gemeenschap – in aanwezigheid van de aartspriester – door de subsynode als kerk erkend. Dit is bekend gemaakt in een extra feestelijke dienst.

De voorlopers van de Eritrees-orthodoxe kerk kennen een lange geschiedenis van het christendom met eeuwenoude tradities. In de 4e eeuw werden in de hooglanden van Eritrea de eerste kerken gebouwd. Het goede nieuws verspreidde zich hierna snel naar andere delen van Eritrea. In 451 is er bij het concilie van Chalcedon een scheiding gekomen tussen de rooms-katholieke en oosters-orthodoxe kerk enerzijds en de oriëntaals-orthodoxe kerk (waaronder ook de koptische kerk) anderzijds. Het was de eerste keer in de geschiedenis dat een meningsverschil onder christenen zo diep ging, dat het de oorzaak werd van de uittocht uit de kerk van aanzienlijke geloofsgemeenschappen.
Het ging in 451 om de eenheid van de persoon van Christus. In het westen gaat het veel meer om wat Jezus voor ons heeft gedaan, en hoe, maar in het oriëntaalse christendom is heel belangrijk hoe in de persoon van Christus het goddelijke en menselijke samenkomen. Het was Rome en Constantinopel tegenover Alexandrië, niet alleen geestelijk maar ook politiek.

De liturgische taal van de kerk is Ge’ez. Het is een oude Afro-Aziatische taal, verwant met o.a. het huidige Tigrinya, de taal die in Eritrea veel wordt gesproken. Het Ge’ez is als spreektaal al sinds de 10e eeuw uitgestorven. Vergelijk het met het gebruik van het latijn in de katholieke kerk. de naam ‘Tewahedo’ is Ge’ez en betekent “een wezen dat eenheid vormt’. Kerkgangers worden niet onderwezen in het Ge’ez en begrijpen de liturgie ook niet. De priesters leren de teksten uit hun hoofd. Vaak is een kort gedeelte in het Tigrinya, zodat de kerkgangers dit gedeelte wel kunnen volgen.

De kerkinrichting lijkt op de rooms-katholieke kerk met een paus, bisschoppen en priesters. Aan het hoofd van een orthodoxe kerk staat een patriarch. Landelijk wordt de kerk geleid door een aartspriester. Lokaal staat een priester aan het hoofd.
Iconen zijn onlosmakelijk verbonden met het kerkelijke en spirituele leven van deze kerk en haar gelovigen. Er zijn veel kleurrijke kunstschilderingen van heiligen.

Eritrea was altijd een deel van Ethiopië. Maar na een burgeroorlog van 21 jaar is het in 1991 een zelfstandig land geworden. Sindsdien is er één president die een bewind voert met veel schendingen van mensenrechten. Hieronder lijden vooral de christenen, die daarom het land ontvluchten. Mede hierdoor is de Eritrees-orthodoxe kerk in ons land zo sterk gegroeid.
Wereldwijd zijn er ruim vier miljoen volgers.

Aan hem komt de eer toe, in de kerk en in Christus Jezus, tot in alle generaties, tot in alle eeuwigheid. Amen. (Efeziërs 3:21)

© 2018 Geloven in de Stad

Volg Geloven in de Stad: